René en Vita, ideale mix voor een bedrijf als Roadbear Studios

Vita en René in hun studio. Aan de wand hun oude gitaren.

Roadbear Studios heet het IT-bedrijf van René Diekstra en Vita van der Lijke. Want: hij – geboren negatieveling – ziet overal beren op de weg. Zij – een positivo – ziet altijd kansen en mogelijkheden. En samen helpen ze opdrachtgevers beren te omzeilen.

Een ideale mix dus. René (42) en Vita (36) wonen sinds 2008 aan de Molenweg in Oudeschip. Einde van de wereld? Integendeel. ´Dit is het begin´, vinden René (achterneef van de gelijknamige psycholoog) en Vita (dochter van troubadour Hans van der Lijke).

Met Roadbear Studios bouwen ze websites, ontwikkelen applicaties, huisstijlen en logo´s en maken video´s en muziek. En ook hier vullen ze elkaar perfect aan. Zij doet de vormgeving, hij is zeg maar de computernerd. ´Iedereen adviseerde ons in het begin om ons te specialiseren. We dachten: ze hebben gelijk, maar wij worden daar beiden niet heel erg gelukkig van.´

´Ons bedrijf loopt goed. We waren tijdens de eerste lockdown even bang dat de boel in zou storten, maar het gaat alleen maar bergopwaarts.´

Hoe ze in Oudeschip zijn beland? ´We woonden in de stad Groningen en wilden beiden graag een muziekstudio. We zochten naar een plek waar dat financieel mogelijk was met in het achterhoofd dat we in principe van één salaris moeten kunnen leven. Het is Oudeschip geworden. We waren hier nooit eerder geweest. Een heerlijk rustig dorp.´

René: ´Wij vinden dit een ideale plek, mooi aan een doodlopend straatje. We hebben een flinke tuin, recht tegenover ons is de speeltuin. Achter de dijk heb je een strandje, je pakt makkelijk de boot naar Borkum en in 20 minuten ben je via de Eemshavenweg in Groningen. Mijn ouders in Warffum doen er langer over om in de stad te komen. Het verbaast ons als mensen niet van Oudeschip houden. Ook onze kinderen voelen zich hier thuis. Ofschoon het praktischer zou zijn om elders te wonen. Onze dochter van 12 zit in Groningen op school, onze zoon van 6 in Middelstum.´

Hallo, hallo, wie ben jij?

Met de oprukkende Eemshaven zijn ze niet blij. Toch willen ze het positief zien. Vita: ´De uitbreiding kunnen we waarschijnlijk niet tegenhouden. Dan moet je er het beste van maken. In samenspraak ervoor zorgen dat er geen zware industrie komt en dat het dorp ervan profiteert.´

In de studio achter hun huis werken ze aan de tweede album van RD (de initialen van René, op zijn Engels uitgesproken). ´Elke dag besteden we het eerste uur aan ons nieuwe album. Dat hebben we afgesproken omdat je voor een klant hard aan de bak gaat, maar je dat voor jezelf minder snel doet. Op deze manier dwingen wij onszelf.´

´Hallo, hallo, wie ben jij?´ klinkt plots een heldere kinderstem. We hebben een beller. Het blijkt Vita´s smartphone. René heeft een ringtone gemaakt van het zinnetje dat hun toen 2-jarige dochter sprak.

Het eerste album van RD – Sum of its parts – verscheen in 2019. Een instrumentale plaat, een mengeling van diverse muziekstijlen als rock en jazz. De verkoop van cd´s en albums hield niet over, maar via Spotify werden de nummers toch 10.000 keer gestreamd. Kassa, zou je zeggen. Het leverde hun welgeteld 2,70 euro op.

Vita: ´Toetsenist Coen Molenaar stelde voor om er met de hele band één patatje van te gaan kopen, zonder mayonaise. Ach, wij zien dit als exposure. Een bassist uit Spanje kwam zelfs met het verzoek om bladmuziek. Toch een leuk idee dat er nu in dat land iemand zit te studeren op onze nummers.´

Voor het nieuwe album hebben ze inmiddels zes nummers geschreven. Op 1 en 2 november zijn de eerste opnames in Studio Het Atelier in Weiteveen onder leiding van Frans Vollink, tevens de bassist. Niels Voskuil (drums) en toetsenist Coen zijn eveneens opnieuw van de partij. René speelt de gitaarpartijen in en Vita neemt de zang voor haar rekening. Ze denken dat het nog wel tot eind 2022 kan duren voordat het album verschijnt.

René is een veelzijdig muzikant. Gitaar (akoestisch, bas, elektrisch) is zijn specialiteit. Toetsen en drums doet-ie ook, maar naar eigen zeggen op bescheiden niveau.

´Ik heb nog drie jaar gitaarles gegeven in Oudeschip. Maar ik verloor het plezier erin. Je hebt vier categorieën: leerlingen zonder talent en met discipline, met talent en zonder discipline en die zonder en met beide vaardigheden. Die laatste groep is zeldzaam, misschien 1 procent van de leerlingen.´

Bert doet goede zaken, maar Wilma blijft met de spullen zitten

Bert zingt ´Sayonara´ voor Sikke (links) en Hendrik-Jan.

Muziek en zang klinkt zaterdagochtend aan de Dr. Schönfeldstraat in Ulrum. Bert Schaap – alias Burdy – doet mee aan de schuurverkoop in het dorp. Bert zou Bert niet zijn als hij niet flinke promotie maakt voor zijn feestavond op 29 januari in de Bonte Wever in Assen. 30 jaar artiest zijn moet gevierd.

Lees “Bert doet goede zaken, maar Wilma blijft met de spullen zitten” verder

De Slagwerkplaats: het bijzondere bedrijf van Jan en Hilke

De achternaam van Jan is op speelse wijze verwerkt in het logo op de gloednieuwe bedrijfsbus.

Verrassend mag je de inrichting van het huis van Jan Slager (55) en Hilke Dobma (51) in Usquert zeker noemen. Overal staat slagwerk. ´Ruimtegebrek, we zoeken nog een geïsoleerde opslagruimte van 50 tot 100 vierkante meter, het liefst in Usquert.´

Met hun bedrijf De Slagwerkplaats timmert het echtpaar – 25 jaar getrouwd, 35 jaar bij elkaar en sinds 2014 zakenpartners – aan de weg in vooral Nederland en België. Hun activiteit: inkoop, verkoop en verhuur van nieuw en gebruikt slagwerk. En daarbij: Jan repareert slagwerk en stemt toetsen. Er zijn niet veel op de wereld die dat laatste kunnen. Daarover later meer.

Lees “De Slagwerkplaats: het bijzondere bedrijf van Jan en Hilke” verder

Geurt zou het liefst eeuwig schilderen en actievoeren

Eens een actievoerder, altijd een actievoerder. Waddenschilder Geurt Busser – 74 inmiddels – blijft zich met hart en ziel inzetten voor het landschap. ´Het actievoeren zit in me, ik beleef er veel plezier aan.´

Hij was de eerste die procedeerde tegen proefboringen naar waddengas en windmolens op zee. Dat is alweer lang geleden. Anno 2021 zet hij zich in voor het weer goed bevaarbaar maken van de almaar dichtslibbende geul naar het haventje van Noordpolderzijl.

Met zes exposities* vanaf juni vraagt hij hiervoor aandacht. Geurt heeft het de laatste weken ´verschrikkelijk druk´ met het inlijsten van de aquarellen die hij uitkoos voor de exposities. ´Schilderijen van en gerelateerd aan Noordpolderzijl, zoals de polder, de maren, de van oorsprong natuurlijke riviertjes die afliepen naar de zee.´

Wat een droevigheid!

´Noordpolderzijl is mijn haventje, dat is mijn plek. Er moet een oplossing komen, het haventje moet weer open. Miljoeneninvesteringen worden gedaan in de Eemshaven en Lauwersoog en zo´n slootje in Noordpolderzijl mag niks kosten. Wat een droevigheid! Ze overwegen een miljoenen kostende spoelzee (waarbij een paar keer per dag met kracht water door de vaargeul wordt gepompt, waardoor die slibvrij blijft). Dat hebben ze gezien in Duitsland, maar het Wad is overal anders. Daar is het 3 kilometer breed en niet 12 kilometer zoals hier. Maar er zijn betere oplossingen.´

De Warffumer is geboren en getogen in Friesland, waar hij jarenlang woonde bij pake en beppe op de boerderij in de Brekkenpolder bij Lemmer. Zijn vader en en moeder hadden tbc en werden verpleegd in het sanatorium. Toen hij 7 jaar
was verhuisde hij naar zijn ouders in Appelscha en 1963 naar Haren.

Geurt en Aukje wonen op een bijzondere plek in Warffum, in een voormalig werkhuis en gaarkeuken aan de Warffumermaar. Grietje Reinders liet die in 1896 bouwen omdat de enorme armoede haar aan het hart ging. Dagelijks zag Grietje vanuit haar huis werklozen bij de haven samendrommen, op zoek naar broodwinning. In de Eerste Wereldoorlog woonden er vijf Belgische vluchtelingengezinnen met veertig kinderen. Later zat er onder meer een varkens- en kalvermesterij.

Geurt kocht het gebouw in 1973 en moest het eerst bewoonbaar maken. Een jaar later trouwde hij met Aukje.

Geurt schildert naar eigen zeggen ´uit liefde voor het leven, de wereld en het landschap.´

Van 1967 tot 1985 gebeurde dat veelal op het Hogeland. ´Ik heb hier alles geschilderd, wierden, silhouetten, kerkjes. Op den duur kwamen kwamen overal nieuwbouwwijkjes met bosjes eromheen. En dan had je nog de braakligbosjes. Het dorp kun je niet meer zien, het silhouet is verdwenen. En ik wil de horizon zien.´

En de horizon is er nog op het Wad, waar hij naartoe vluchtte en windmolens het uitzicht steeds meer domineren. Geurt moet er niets van hebben: ´Van die dingen word je helemaal gek.´

Om makkelijker te communiceren met de garnalenvissers op Noordpolderzijl leerde hij zichzelf het Gronings dialect aan. Gronings met een Fries accent.

Schilderen verveelt nooit

Waddenschilder heet hij sinds 1988, dankzij Hans Peerbolte van het tv-programma Van Gewest tot Gewest. ´Hans is vier dagen met mij mee geweest. Vind je het goed dat ik je de waddenschilder noem, vroeg hij na afloop. Prima natuurlijk. 80 procent van mijn werkzaamheden vindt immers plaats op het Wad.´

Hendrik, een voormalige garnalenkotter uit 1928, is zijn vervoermiddel. Noordpolderzijl is ´s zomers de uitvalsbasis, Lauwersoog de rest van het jaar. ´Ik werk het hele jaar, ik maak twee- en driedaagse reizen en maak dan twee tot vijf schilderijen. Mijn productie is zo´n driehonderd schilderijen per jaar, waarvan er honderd overblijven. Schilderen verveelt nooit, elke dag zijn de omstandigheden anders.´

En zo maakt Geurt ook stormen mee, en af en toe motorpech. Eén keer lag hij voor anker en sliep door een storm van windkracht 9 heen, zo bleek de volgende ochtend toen hij contact had met de kustwacht.

Een pechgeval op Braksterzand had een geweldig staartje, Geurt heeft er nu nog lol om. ´De uitlaatgassen kwamen door het luchtfilter, klepveer gebroken. Motor uit, anker ervoor en kustwacht geroepen. Die stuurde reddingsboot Anna Dorothea uit Lauwersoog. Toen ze mij binnen gesleept hadden, zei ik: ik ben nu 36 jaar lid van de KNRM, dit is de eerste keer, maar jullie krijgen wel een schilderijtje van mij cadeau. Hun reactie: Daar maken we een stukje van
in de krant, goed voor jou en goed voor ons
. Dat ging door.´

´Maar ja, waar moest het schilderij hangen? De wanden hingen vol met foto´s. Doe maar op die plek, wees eentje naar de muur. Dat is wel zo handig. Elke keer als het hoofdbestuur komt, moeten we die weghalen. Het bleek een pin-up uit de jaren 50, onderbroekje tot boven de navel, één blote borst en een wulpse blik over het schouder. Ik zei: Als ik jullie niet ontrief, neem ik die mee. De volgende dag heb ik er een nieuwe klepveer tussen gepeuterd en ben weer uitgevaren.´

Anekdotes genoeg zijn er te vertellen. Kritiek op het Provinciaal Omgevingsplan (POP) verwoordde hij in zijn eerste boek Duurzaam Groningen. Een verzoek om subsidie voor de uitgave wees de provincie af. Daartegen ging Geurt in beroep. Tijdens de zitting van de adviescommissie bezwaar- en beroepschriften zat de zaal stampvol met boeren en vissers en hun familie uit Usquert en omgeving. Zij zagen een ijzersterk optreden van Geurt. ´Gerrit de Vries, van de Usquert 21, memoreerde jaren later: Weet je nog Geurt, in het provinciehuis? Ik ben zo blij dat ik dat meegemaakt heb, dat een ambtenaar zit te bibberen, dat maak je nooit mee

Geurt bood tijdens de procedure aan een groot schilderij van het Reitdiep te exposeren in de Statenzaal. ´Ik zei: als de gedeputeerden dan een ingreep willen doen in het landschap, een nieuwe brug of bodemdalingsgemaal, moeten ze eerst naar het schilderij kijken of het er wel bij past. Past het niet: niet doen! De provincie en het provinciehuis worden er mooier van, de gedeputeerden wijzer en ik verdien er ook nog aan, een echte win-winsituatie. Het schilderij heeft er een halfjaar gehangen.´

Begin jaren negentig procedeerde hij tot aan de Raad van State om te mogen schilderen bij Rottumeroog. Het ministerie zag hem als een ernstige bedreiging voor de rust van de zeehonden. Maar het was de vasthoudende Geurt die aan het langste eind trok. In de jaren dat Rottumeroog voor hem verboden gebied was, week hij demonstratief uit naar Duitsland en Denemarken.

Geurt bij zijn elektrische scooter die hij vaak meeneemt als hij in de buurt of op Schiermonnikoog schildert. Voor zijn jongste kleinkinderen heeft hij een zitje gemonteerd.

Werk van de waddenschilder hangt bij een flink aantal prominenten: prinses Beatrix, oud-staatssecretaris Gábor (had zijn kantoor ermee ingericht) en Hans Alders kreeg bij zijn afscheid als minister een aquarel cadeau van zijn ministerie. De Groninger ondernemer Henk Koop beschikt over de een na grootste collectie van Geurt.

De laatste penseelstreek… hij moet er niet aan denken

Johan Remkes kreeg een ´Busser´ bij zijn afscheid als voorzitter van het Havenschap Delfzijl/Eemshaven. ´Ze vroegen mij zes dagen voor het afscheid om een schilderij van de Eemshaven of Delfzijl te leveren. Maar het vroor streng en ik schilder met waterverf. Ik heb er een klok jenever in gegooid en ben in Delfzijl gaan schilderen. ´Met jenever geschilderd!´ Een mooi verhaal bij de overhandiging.´

Ongetwijfeld ontstaan er nog vele verhalen. Zolang het kan, zal Geurt op het Wad zijn aquarellen blijven maken. De laatste penseelstreek… hij moet er niet aan denken. Het liefst zou hij eeuwig doorgaan, met schilderen én actievoeren.

*De exposities zijn waarschijnlijk vanaf juni op Noordpolderzijl (´t Zielhoes), Rottum (Kloosterkerk), Warffum (schuur van het voormalige voogdhuis aan de Oosterstraat en in Het Spijslokaal), Groningen (provinciehuis) en Heerenveen (Museum Belvédère). Bij het voogdhuis komt een groot spandoek (met de tekst: De zee die gaf, de NAM die nam) te hangen dat Geurt in 1999 maakte voor Greenpeace tijdens de Kamerdebatten over de waddengaswinning.

PUUT, het sfeervolle winkeltje van Dana in de Westerstraat

Dana in de winkel met dochter Door.

De Westerstraat – een van de pareltjes van Winsum – is er weer een stukje fraaier op geworden. Dana Ebbekink is op nummer 1 haar winkel PUUT begonnen.

Dana en haar gezin – partner Freek Wilkens en kinderen Teun (6) en Door (3) -wonen sinds april 2020 in het van 1600 daterende pand. PUUT (vol spullen met een verhaal) is sinds begin maart open. Ze verkoopt er tweedehands kinderkleding, boeken, kraamcadeautjes en andere hebbedingetjes.

Gekozen voor iets wat past bij de gezinssamenstelling

´Het is zo gegroeid´, zegt Dana (37). ´We woonden in Groningen en zochten een plek waar we meer konden dan alleen wonen. Uiteindelijk is het dit huis geworden. Toen zijn we gaan nadenken wat we hier zouden kunnen doen. Een B&B of verhuur van ruimtes voor workshops. We hebben gekozen voor iets wat past bij de gezinssamenstelling, waarbij het niet erg is dat de kinderen er rondrennen.´

´Er is in het dorp weinig op het gebied van kinderkleding te vinden. Mijn overbuurvrouw verkoopt tweedehands dameskleding en adviseerde mij direct te beginnen toen ik haar over mijn plannen vertelde. Klanten vragen haar vaak om er kinderkleding bij te gaan doen, maar dameskleding heeft haar voorkeur.´

De naam PUUT schudde ze uit haar mouw. ´Het moest iets Gronings zijn, omdat we hier in het prachtige Noorden wonen en leven.´

Inmiddels heeft ze meer dan zestig inbrengers van kinderkleding, ze komen zelfs van buiten de gemeentegrenzen. En de winkel kent een prima start, ondanks de coronamaatregelen. ´Vrijdag en zaterdag ben ik open. Tot nu toe heb ik alle vrijdagen en zaterdagen elk halfuur een klant kunnen inplannen.´

Voor wat betreft de kleding is ze selectief. De kleren moeten netjes, schoon en niet kapot zijn. ´Kleren die je zelf ook zou kunnen kopen. En dat doe ik ook wel voor mijn dochter. De inbrenger krijgt een deel van de opbrengst. Kleren die niet verkocht worden, gaan uiteindelijk naar kledingbank Maxima. Geld dat inbrengers niet ophalen, is bestemd voor een goed doel. Dat is altijd kindgerelateerd, bijvoorbeeld een bijdrage voor een activiteit voor kinderen. Alles wat ik doe is gerelateerd aan kind en evenement. Van oorsprong ben ik event manager.´

Dana doet de winkel naast haar vaste baan bij Humanitas. ´Elk jaar maak ik 400 kinderen blij met een vakantieweek in Drenthe. De 160 vrijwilligers ondersteun en faciliteer ik.´

De winkelcollectie omvat ook items van Groningse makers en ontwerpers. ´Hier heb ik bijvoorbeeld veganistische zeepjes met daarin verstopt een Playmobil-poppetje. Dat moet kinderen stimuleren om de handen te wassen. Er is nog plaats voor producten. Mensen kunnen zich melden en in een gesprek bekijken we of het in mijn concept past.´

Zeker in deze tijden is aandacht hebben voor elkaar belangrijk

Het lokale aspect, duurzaamheid, tweede leven en toegankelijkheid noemt Dana als belangrijke uitgangspunten. ´De kleding is bijvoorbeeld voor een meeneemprijs. Aan tweedehands kleding kun je geen hoge bedragen hangen. Een verkoopsite zou ik nooit beginnen. Het is minder duurzaam en te arbeidsintensief. Hier kunnen klanten alles rustig bekijken en beoordelen. Een winkel is ook in sociaal opzicht belangrijk. Mensen ontmoeten elkaar en kunnen een praatje maken. Zeker in deze tijden is aandacht hebben voor elkaar belangrijk. Dat krijg je online niet, maar op deze manier wel.´

Het gezin voelt zich vanaf het begin thuis in Winsum. ´Het is hier heerlijk wonen. We vielen vorig jaar met de neus in de boter. We woonden hier net toen Winsum werd uitgeroepen tot Allermooiste dorp van Nederland.´

Sterke drank uit Den Andel, dankzij Iep

Iep ruikt aan de gin en constateert dat er niks mis mee is. De vaten moeten een aantal weken staan voordat de drank goed op smaak gekomen is.

Sterke drank maken van puur natuurlijke producten. Iebele (Iep) Huizenga in Den Andel doet het al jaren. Begonnen als een hobby die steeds serieuzere vormen krijgt. ´Ik ben er best trots op dat het goed loopt en mensen zeggen dat ze het lekker vinden.´

Ervan leven kan Iep (51) niet, maar dat hoeft ook niet. ´Wie weet wat er nog gaat gebeuren. Ik doe het erbij om mijn hoofd leeg te maken. Als tegenwicht voor mijn werk als uitgever. Dat is toch werk waarbij je veel achter de computer zit, teksten verwerken, overleggen en zaken regelen.´

Lees “Sterke drank uit Den Andel, dankzij Iep” verder

Het Winkelhuis: 15 bedrijfjes in Leens, maar nu onder een ander dak

Annelies (links) en Douwien voor hun nieuwe onderkomen.

Vijftien ondernemers onder één dak in een dorp als Leens. Dat is toch wel bijzonder. Samen runnen ze Het Winkelhuis. ´Een toerist die hier vorig jaar kwam, zei dat ze het concept in New York had gezien. Dat beschouwen we als een groot compliment. Bij ons ontbraken alleen het restaurant en de diskjockey.´

Annelies Sietsema uit Uithuizen heeft deze zaterdag winkeldienst in het voormalige onderkomen van warenhuis Marskramer, op de hoek van de Hoofdstraat en Jan Zijlmasingel.

Lees “Het Winkelhuis: 15 bedrijfjes in Leens, maar nu onder een ander dak” verder

Garnalenvisser Dirk prijst passie van kleinzoon Thijmen

Dirk en Thijmen.

Het dichtgevroren Reitdiep is bedekt met een dun laagje sneeuw. De ZK 17 (Johannes Dirk) van Dirk Sloot ligt werkloos aan de kade in Zoutkamp. Alle tijd voor Dirk en zijn kleinzoon Thijmen Koster om onderhoud te plegen. Netten boeten, verven, smeren, dat soort karweitjes.

Thijmen ging op jonge leeftijd al met opa mee. Foto: Dirk

Van de tien kleinkinderen van Dirk en Siena is Thijmen de oudste. Pas 16 jaar oud weet hij al waar zijn toekomst ligt: in de visserij. ´Ik ben ermee opgegroeid´, zegt hij woensdagmorgen, wijzend naar zijn opa.

Sinds 2,5 jaar vaart Thijmen – die de komende twee jaar naar de Visserijschool op Urk gaat – elke week mee. Samen met alleen Johan van Straten, vaste kracht van Dirk, ving hij maandenlang de garnalen. Opa zat in de lappenmand. Inmiddels gaat het weer wat beter. Dirk: ´Man, ik mis de zee wel!´

Lees “Garnalenvisser Dirk prijst passie van kleinzoon Thijmen” verder

Lutje Potje, een prachtbedrijf in het buitengebied

Jeroen en Lisanne met hun hond Ella.

Een prachtbedrijf hoeft niet per se in een stad of groot dorp te zitten. Kijk naar Lutje Potje van Jeroen van der Schaaf en Lisanne van der Bijl.

Vanuit hun boerderij ruim 1 kilometer buiten Saaxumhuizen timmeren ze aan de weg met hun alom bekende babyhuisjes. Of lutjepotjes zoals ze elders in het land genoemd worden, waar ze waarschijnlijk geen weet hebben van de Groningse betekenis van lutje potje: baby.

Het is de boerderij waar Piet en Ikie Veldman tot 2011 hun fruitbedrijf Den Horn hadden. De prachtige rij perenbomen langs de oprit naar de boerderij aan de Hornsterweg herinnert aan die tijd.

Lees “Lutje Potje, een prachtbedrijf in het buitengebied” verder